‘Maagd, moeder en wijze vrouw zijn levensfases die iedere vrouw doormaakt’.
Iedere vrouw doorloopt drie levensfases in haar leven
De maagd, de moeder en de wijze vrouw.
De maagdenfase is de fase van meisje tot jongvolwassen vrouw. In deze fase van je leven heb je alle ruimte om te onderzoeken en te experimenteren. De moederfase staat in het teken van het scheppende, het makende. Dat kan je vertalen in creatieve of beroepsmatige zin als in voortplantende zin. Daarna volgt de fase van de wijze vrouw. In deze fase geef je je wijsheid door aan de gemeenschap.
Ik bevind mezelf, met mijn 48 jaar, op dit moment in de afronding van de moederfase. Ik merk dat ik daarover op verschillende momenten aan het rouwen ben. Over wat ik daarin los te laten heb. Over dat wat daarin niet vervuld is geraakt. Tegelijk geniet ik van de overgang naar de fase die voor de me ligt richting de wijze vrouw. Ik geniet van de ruimte die ik daarvoor steeds meer in mijn leven vind. En dat er steeds meer vrucht is om door te geven. Dat is een geschenk waar ik dankbaarheid over voel.
Het doorlopen van deze levensfases verloopt vaak niet lineair. Het is een golvend proces waarin veel meespeelt. In mijn werk en leven merk ik dat er weinig kennis en voeding is over het doorlopen van deze fases. De afgelopen drie jaren heb ik me hierin veel verdiept en ik voel de behoefte om hierover te delen. Want als je weet hoe jij deze levensfases hebt doorlopen, of in welke fase jij je bevindt, dan kun je daarop beter aansluiten. Dan kun je datgene aandacht geven wat nog om aandacht vraagt. Dan kun je jezelf vaak beter begrijpen. Dan weet je beter waarover je te rouwen hebt bijvoorbeeld. Dat is niet altijd leuk, maar geeft wel rust. Het leven van een vrouw is cyclisch en dynamisch, golvend zou je kunnen zeggen. Het helpt om daar meer over te weten.
‘𝐎𝐧𝐝𝐞𝐫𝐳𝐨𝐞𝐤𝐞𝐧, 𝐞𝐱𝐩𝐞𝐫𝐢𝐦𝐞𝐧𝐭𝐞𝐫𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧𝐮𝐢𝐭 𝐟𝐫𝐢𝐬𝐡𝐞𝐢𝐝 𝐛𝐞𝐰𝐞𝐠𝐞𝐧 𝐨𝐩 𝐡𝐞𝐭 𝐥𝐞𝐯𝐞𝐧’
De ‘maagdenfase’ of ook wel ‘maiden fase’ in het leven van de vrouw is die van de jeugd, de pubertijd en adolescentie. De leeftijd van ongeveer 10 tot 25 jaar. In deze fase krijgen meisjes en jonge vrouwen de gelegenheid om te onderzoeken en te experimenteren. Er is frisheid en anticipatie op het leven. In deze fase is er al iets zichtbaar van wat jij in de wereld wil zetten, of het nu fysiek, mentaal, emotioneel of spiritueel is. Dit gaat niet over letterlijk maagd zijn in seksuele zin, maar over jong, ongebonden en nog niet zo in beslag genomen zijn door.
Zelf heb ik nogal wat storing in mijn leven ervaren in deze fase. Daar waar mijn vrienden en vriendinnen relaties kregen en het leven in gingen, belandde ik voor een lange tijd ziek thuis. Dat was moeilijk, want het belemmerde mij om te onderzoeken en te experimenteren. Het lijkt erop dat ik deze fase in de afgelopen jaren in delen opnieuw aan het afmaken ben door op avontuur te gaan. Dan laat ik mijn gezin voor een paar dagen achter, zodat ik aan onderzoeken en experimenteren toekom. Het ‘weggaan’ vind ik lastig. Vaak gaat het gepaard met een gevoel van schuld en tranen. Daarna volgt er een vrije stroom die ik heerlijk vind om te volgen. Ik kan dan zo voelen dat ik dat in mijn maagdenfase te weinig heb kunnen doen en hoe belangrijk deze beweging voor mij is.
De maagdenfase is een fase waarin een jonge vrouw veel verandering doormaakt. Als je stappen overslaat of als stappen verstoort raken hierin, dan blokkeert het de vrije stroom in je. Hoe doorliep jij deze in je leven? Waar stroomde het, waar stagneerde het? Welke boodschappen ontving jij hierover van je moeder, je oma’s of van andere vrouwen die je voorgingen? De voorbeelden die we hierover krijgen in ons leven zijn cruciaal voor hoe we hier zelf mee omgaan.
En, als het je gegeven is, wat geef jij je dochter(s) mee? Hoe leef jij ze voor over vrouw zijn? Hoe laat jij je dochter los of houd je haar misschien krampachtig vast? Wat betekent dit voor haar vrije stroom?
‘𝐋𝐚𝐚𝐭 𝐦𝐢𝐣 𝐦𝐢𝐣𝐧 𝐦𝐚𝐚𝐠𝐝𝐡𝐞𝐢𝐝 𝐛𝐞𝐰𝐞𝐧𝐞𝐧 𝐬𝐚𝐦𝐞𝐧 𝐦𝐞𝐭 𝐦𝐢𝐣𝐧 𝐯𝐫𝐢𝐞𝐧𝐝𝐢𝐧𝐧𝐞𝐧’
– Richteren 11:37
Als ik op zoek ga in de Bijbel naar een meisje of jonge vrouw in haar maagdenfase, dan kom ik bij het verhaal van de dochter van Jefta. Een verschrikkelijk verhaal. Jefta zei tegen God: ‘Als U mij helpt de Ammonieten te verslaan en ik veilig terugkom, zal ik het eerste dat mij uit mijn huis tegemoetkomt, aan U offeren.’ Jefta overwon de Ammonieten. Toen Jefta naar huis terugging, kwam zijn dochter, zijn enig kind, hem dansend van vreugde tegemoet met een tamboerijn in haar handen. Jefta schrok en zei tegen zijn dochter: ‘Ik heb de Here namelijk iets beloofd en ik kan niet meer terug.’ De dochter zei: ‘Vader als u de Here iets hebt beloofd, moet u zich aan uw belofte houden. Maar geef mij alstublieft twee maanden uitstel. Laat mij eerst met mijn vriendinnen de bergen intrekken om daar te rouwen omdat ik zo jong ben en ongetrouwd.’
Ik ben er stil van als ik dit verhaal lees. Wat me vooral raakt is de wijze reactie van de dochter van Jefta. Midden in de maagdenfase van haar leven. Jong en ongetrouwd, nog zo aan het begin van haar leven. Ze vraagt haar vader om uitstel. Twee maanden. Om met de steun van haar vriendinnen te rouwen in de bergen. ‘Laat mij mijn maagdheid bewenen samen met mijn vriendinnen,’ zegt ze tegen haar vader.
Wat opvallend wijs van deze dochter. Ze weet precies in welke fase van haar leven ze zich bevindt. Ze weet precies dat ze haar vriendinnen, haar leeftijdsgenoten, nodig heeft. Ze weet dat ze tijd en ruimte heeft te maken om te rouwen en om dat samen met andere vrouwen te doen. Wat wijs. Wat zijn wij dit vaak kwijt in onze maatschappij. Wat leven we ver verwijderd van deze helende principes. Tijd nemen om samen te zijn met andere vrouwen, tijd nemen om te rouwen over dat wat we kwijt zijn geraakt of over dat wat nooit gaat komen.
Waarover heb jij te rouwen, te delen met andere vrouwen?
Hoe luister jij in een overgangsfase naar de richting die je ervaart?
In de overgangsfase van maagd naar moeder ontmoet ik opnieuw een vrouw uit de Bijbel: Maria, de moeder van Jezus. In Jesaja 7:14 staat over Maria: ‘Zie, de maagd zal zwanger worden. Zij zal een Zoon baren en Hem de naam Immanuel geven.’ In dit Bijbelverhaal wordt Maria niet bevrucht door haar man, maar door de Heilige Geest.
Een overgangsfase in je leven wordt ook wel een liminale fase genoemd. Liminaliteit verwijst naar de tijd tussen het oude en het nieuwe, waarin veranderingen plaatsvinden en structuren tijdelijk wegvallen. Het woord ‘liminaal’ betekent ‘drempel’. Het kan een ongemakkelijke fase zijn, maar biedt ook kans voor vernieuwing en creativiteit. Het is een onvermijdelijke fase in je leven, waarin je het oude loslaat en nieuwe ervaringen opdoet.
Maria zit in zo’n liminale fase, een ongemakkelijke overgangsfase van maagd naar moeder. In deze overgangsfase wordt ze door de Heilige Geest bevrucht. Zwanger van iets dat groter is dan zij. En ook nog zwanger op een Goddelijke manier. Wat kan dat veel oproepen bij haarzelf en bij haar omgeving.
Zou het zo kunnen zijn dat hier een grote les in schuilt? Dat we in deze liminale fase van de overgang van maagd naar moeder ons mogen laten bevruchten door dat wat groter is dan wij? Dat we juist in deze fase contact mogen maken met het grote geheel, dat wat Gods Geest door ons leven heen geboren wil laten worden?
Liminaliteit is cruciaal voor transformatie en helpt mensen en organisaties om nieuwe richting te vinden. Zonder een overgangsfase geen verandering. Hoe luister jij in een overgangsfase naar ‘de richting die je ervaart’, naar ‘dat wat groter is dan jij?’ Of als volgelingen van Jezus: hoe luister je naar de bovennatuurlijke bron, de Heilige Geest? Hoe laat jij je richting influisteren?